18 juni 2012 – Veel ligboxenstallen dateren uit de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw en zijn aan modernisering toe. Belangrijkste vraag is dan: verbeteren, verbouwen of vervangen? LaMi heeft hiervoor in 2010 het project Innovatieve duurzame stallen opgezet. Het succesvolle project is onlangs afgerond.
Veel stallen in Nederland zijn afgeschreven. Voor veel veehouders is dat een uitgelezen moment om te bedenken: met welke stal wil ik de komende dertig jaar verder? Nieuwe regelgeving en nieuwe inzichten over milieu, dierenwelzijn, energiebesparing en automatisering geven een extra impuls aan het ontwikkelen van stallen die klaar zijn voor de toekomst. Er zijn stalconcepten waarin het ammoniakprobleem kan worden teruggedrongen. Ook zijn er mogelijkheden tot verbetering van dierwelzijn en diergezondheid. Verder wordt sterk nagedacht over mogelijkheden voor eigen energievoorziening. De automatisering (melkrobots) in de melkveehouderij gaat ondertussen steeds verder. Kunnen al die onderwerpen worden gecombineerd in één stal?
Nieuwe stallen, die vaak ook groter en lichter zullen zijn dan de bestaande, hebben ook invloed op de kwaliteit van het landschap. Omdat de landschappelijke kwaliteit voor de provincie een belangrijk aandachtspunt is, is hieraan in het project veel aandacht besteed.
Échte ontwerpen
De duurzame stallen zijn geen tekentafelontwerpen. Veehouders die daadwerkelijk van plan zijn om hun stallen te verbouwen of te vervangen, werden benaderd en vier van hen deden graag mee. Het doel was om een totaalontwerp te maken aan de hand van de vier duurzaamheidsaspecten van het afwegingskader duurzaamheid van de provincie. Deze aspecten zijn people, planet, profit en effect.
Opdracht aan de betrokken veehouders en architecten was om zich bij het ontwerpen niet te laten hinderen door dingen die op het eerste gezicht niet mogelijk lijken. Oftewel: denk ‘out of the (lig)box!
Dit leidde tot interessante concepten die op een bijeenkomst 5 oktober 2011 zijn besproken. De accenten lagen op milieu, landschap, economie en techniek. Dit was voor de deelnemers zeer leerzaam en heeft op onderdelen geleid tot aanpassing van de ontwerpen. Wageningen Universiteit doet nog aanvullend onderzoek over het effect van de nieuwe stalontwerpen op de ammoniakuitstoot. Na de zomer wordt het resultaat hiervan verwacht.
Rol van de provincie
Hoewel de stallen nog niet zijn gerealiseerd, rondt LaMi het project af. De vier melkveehouders gaan op basis van het project serieus aan de slag om hun innovatieve stal te bouwen. In verband met de bestemmingsplanprocedure of bouwvergunning zijn ze momenteel in overleg met de gemeenten.
De rol van de provincie is tegen het licht gehouden tijdens een bijeenkomst van deskundigen op 6 juni: op welke onderdelen kan de (provinciale) overheid sturend, stimulerend en regelend optreden? Ook partijen zoals banken, zuivelindustrie, stallenbouwers en gemeenten/rijk hebben invloed op de ontwikkelingen. Denk aan de wetgeving op het gebied van ammoniakuitstoot of dierhuisvesting. Maar ook aan het verstrekken van krediet. Met al de informatie die hieruit wordt verkregen zal de provincie beleid formuleren voor de komende jaren.
Het project heeft eraan bijgedragen dat de deelnemers nog eens goed zijn gaan nadenken over waar ze met hun bedrijf naar toe willen. Denk aan verbreding, een andere opzet, investeringen in dierwelzijn en/of het gebruik van zelf geproduceerde energie uit zonnepanelen en/of bodem.
